In samenwerking met admin 15:38 Agri & Food, Bouw, Business to Business, Duurzaam / Circulaire economie, Energietransitie, Innovatie / Onderzoek, Maritiem, Onderwijs, Techniek / Maak- en procesindustrie, Transport en Logistiek, Werk, Zorg, Life Sciences & Health

Reponeren bij een polsbreuk zinvolals er een operatie volgt?Het RECORDED-onderzoek geeftuitsluitsel

Jaarlijks belanden in ons land zo’n 26.000 mensen op de SEH met een gebroken pols. Is bij dergelijke breuken reponeren zinvol of kan het achterwege worden gelaten? Het RECORDED-onderzoek is opgezet om deze vraag, wetenschappelijk onderbouwd, te kunnen beantwoorden.

Het onderzoek is geïnitieerd door Niels Schep, traumachirurg bij het hand- en pols-expertisecentrum van het Maasstad Ziekenhuis, vanuit het idee dat reponeren waarschijnlijk achterwege gelaten kan worden als er een operatie volgt. Met een subsidie van Stichting BeterKeten is promovendus Bas Derksen aangetrokken om het onderzoek uit te voeren. Dat vindt plaats in de zes BeterKeten Ziekenhuizen (zie kader “Over BeterKeten”).

“Reponeren heeft als doel om de gebroken botdelen zo goed mogelijk weer op hun plaats te brengen”, licht Bas Derksen toe. “Dat gaat met veel kracht, terwijl een verdoving niet altijd voldoende werkt. Dat kan dus pijnlijk en zelfs traumatisch zijn voor de patiënt. Daarna wordt de pols in het gips gezet en vaak volgt binnen enkele dagen een operatie.” Hij vervolgt: “In het verleden werden alleen complexe polsfracturen geopereerd. Diverse onderzoeken hebben aangetoond dat opereren ook bij minder complexe polsbreuken beter is, met een beter behandelresultaat tot gevolg. Maar als er toch wordt geopereerd, is reponeren dan wel noodzakelijk? Dat is dé vraag.”


Hoe verloopt het onderzoek?

“Eigenlijk heel voorspoedig”, zegt Bas opgewekt. “Vooraf was bepaald dat er 120 deelnemers nodig zijn. Met 10 procent marge vanwege mogelijke uitvallers tijdens de studie, gaan we uit van 134 inclusies. Het was lastig om te plannen hoeveel tijd dat zou beslaan, maar we zaten eind februari al op bijna 90 procent. Dat verloopt overigens met pieken en dalen. Zo hadden we voor de maand januari gerekend op 20 polsbreuken, maar het waren er maar liefst 38.”

“De zes deelnemende ziekenhuizen zijn met een cluster-randomisatie verdeeld in wel/niet reponeren en halverwege vindt wisseling plaats. Idealiter randomiseer je per patiënt, maar we weten uit ervaring dat dat op een SEH niet te doen is.”


Is er sprake van voldoende betrokkenheid?

“O ja, zeker. Ik kijk wel twee keer per week na of er soms geschikte kandidaten zijn gemist en waarom. Dat kan zijn omdat er een nieuwe arts-assistent is of dat het in de hectiek vergeten is. Regelmatig het onderzoek promoten, blijft noodzakelijk. Ik registreer alle polsbreuken van alle deelnemende ziekenhuizen; het kan zijn dat de ene chirurg sneller overgaat tot operatie bij minder complexe breuken dan een andere chirurg. En ook dat telt mee bij het resultaat van het onderzoek. Dat betekent dat ik constant met alle ziekenhuizen in contact blijf. Maandelijks stuur ik een update uit, om mensen gemotiveerd te houden.” Glimlachend: “Ik heb op de SEH’s snoeppotten neergezet met RECORDED erop en breng soms een traktatie, als dank dat ze aan de studie willen meewerken en geschikte patiënten includeren.”


Wat betekent het voor de patiënten?

Bas: “Ze doen vrijwillig mee aan de studie en mogen uiteraard op elk moment stoppen zonder opgaaf van reden. Ze houden tot de operatie een pijndagboek bij en vullen na 12 maanden nog een vragenlijst in. Daarnaast is er een fysieke controle na zes weken en na drie maanden. Die doe ik zoveel mogelijk zelf bij alle patiënten, op alle poli’s.” Enthousiast: “Dat patiëntencontact vind ik zelf het leukste onderdeel van de studie. De ene pols is de andere niet, ieder herstel is uniek.”


Over Bas Derksen

Tijdens de coschappen bij de plastische handchirurgie is de interesse voor handchirurgie en plastische chirurgie gewekt bij Bas Derksen (29 jaar). Hij ging aan de slag als ANIOS chirurgie, doet nu het RECORDED￾onderzoek en verwacht eind 2025-begin 2026 te promoveren. Zijn ambitie is om daarnaast een opleidingsplaats te krijgen voor plastisch chirurg. Hij is voorzitter van het promovendi-netwerk van het Maasstad Ziekenhuis.

Heb je tips voor startende onderzoekers?

Zijn antwoord volgt direct: “Hou vooral alles bij, met een to-do list per onderdeel van je onderzoek en, bij een multicenter studie, per ziekenhuis. En anticipeer op wachttijden. Elke aanvraag, of het nu bij de medisch ethische toetsingscommissie is, of voor een noodzakelijke handtekening, kost vaak veel tijd. Laat je voorlichten over procedures door het Wetenschapsbureau en neem deel aan het promovendi-overleg. En tot slot: hou contact met je co-promotor: Niels Schep en ik lunchen elke maandag samen en dan nemen we het verloop door.”

(Visited 1 times, 1 visits today)
Facebook
Twitter
LinkedIn
Sluiten